Neuropathieën
In de pathologie wordt onderscheid gemaakt tussen de situatie waarbij de perifere zenuwen lokaal zijn beschadigd en waarbij zij diffuus (verspreid) zijn aangedaan. Bij een geïsoleerd aangedane zenuw is er sprake van een mononeuropathie. De term 'mononeuropathia multiplex' wordt gebruikt als slechts enkele perifere zenuwen verspreid zijn aangedaan. Bij gegeneraliseerde afwijkingen spreekt men van een polyneuropathie.
Mononeuropathie
De meest voorkomende neuropathieën worden veroorzaakt door compressie, dit zijn de zogenaamde drukneuropathieën. Door de lesie ontstaan zowel sensibele als motorische uitvalsverschijnselen. In de voet komen vooral de nervus peroneus neuropathie en het tarsale tunnelsyndroom voor. Kenmerkend voor de eerste aandoening is de uitval van de voetheffers, waardoor een zogenaamde klapvoet ontstaat. Bij het tarsale tunnelsyndroom is voornamelijk sprake van pijn in de voetzool. Daarnaast kunnen de intrinsieke voetspieren verzwakt of atrofisch zijn. Verder kunnen stoornissen ontstaan in de vibratiezin, de achillespeesreflex kan afwezig zijn en in een aantal gevallen ontstaat zelfs een pes cavus.
Een andere aandoening van een perifere zenuw is de Mortonse neuralgie. Hierbij ontstaat een neuroma ter hoogte van de samensmelting van de n.plantaris medialis en de n.plantaris lateralis, tussen metatarsalia III en IV. De verdikking wordt waarschijnlijk veroorzaakt door chronische irritatie (druk). De gevolgen hiervan zijn pijn en sensibiliteitstoornissen, doofheid of prikkeling in digiti III en IV, en klauwtenen.
Polyneuropathie
Polyneuropathieën ontstaan door axonale schade, door myelinebeschadiging, of door een combinatie van beide. Bij polyneuropathie wordt onderscheid gemaakt tussen een acute en een chronische vorm. Voorbeelden van een acute polyneuropathie zijn het syndroom van Guillain-Barré en de diabetische neuropathie. Een voorbeeld van een chronische polyneuropathie is HMSN (Hereditary Motor and Sensory Neuropathies).
Bron: stichting LOOP
