Artrose
Artrose wordt het best aangeduid als gewrichtsslijtage. Het is niet zoals bij een machine, dat het versleten oppervlak defect is en niet meer gerepareerd kan worden. De gewrichten zijn ingebed in een biologisch gebeuren: slijtage en herstel (regeneratie) kunnen elkaar in evenwicht houden. De waarneming van artrose is zeer verschillend. Kan de ene patiënt met een lichte slijtage aan een kniegewricht nauwelijks nog lopen, de andere ziet kans om met een forse slijtage nog te voetballen. De eerste heeft bij de geringste beweging hevige pijn, de ander voelt zijn kniegewricht nauwelijks.
Artrose wordt vastgesteld door een (huis)arts, meestal aan de hand van röntgenfoto's waarop een vernauwde gewrichtsspleet is te zien. Sprong-, enkel-, knie-, en heupgewricht, en het basisgewricht van de duim (de gewrichten die het meest belast worden) zijn het meest aangedaan.
Oorzaken
Het ontstaan van artrose wordt bevorderd door verschillende factoren.
- Wanneer de productie van gewrichtssmeer vermindert of de samenstelling wordt anders, gaat het glijvermogen achteruit. Bewegen wordt moeilijker en pijnlijker en het gewricht kan gaan ontsteken.
- Hetzelfde ontstaat door extreem zware belasting op slechts een deel van het gewricht,
- Ten gevolge van grof geweld op het kraakbeen ontstaat onherstelbare schade. Bij een klein scheurtje of bij een breuk kan een bot zich snel herstellen, maar beschadiging van het kraakbeen (door afschilfering of afbreken) laat een wond achter die niet van nieuw kraakbeen wordt voorzien. Er komt littekenweefsel dat 'vezelkraakbeen' wordt genoemd. Dit heeft niet het noodzakelijke glijvermogen.
- Bij het ouder worden neemt de draagkracht van het kraakbeen af en kan het minder goed eenzijdige lichaamshoudingen opvangen. Het kraakbeen wordt in de loop der jaren ruwer en dunner.
- Bij een abnormale stand van andere botdelen, bijvoorbeeld bij X-benen, wordt het gewricht ongelijjk belast; de binnenkant van de kniegewrichten laat een grote ruimte zien. De belasting komt voornamelijk op de buitenzijde van de gewrichtsholte neer. Door de ongunstige stand van botten ten opzichte van elkaar en de daardoor ontstane hogere belasting wordt artrose als het ware 'voorgeprogrammeerd'. Men spreekt in zo'n geval van 'pre-artrose'. Andere voorbeelden hiervan zijn: O-benen, abnormale stand van de dijbeenkop (heupdysplasie, 'HD'), o-standsafwijking na een breuk, en overmatige lichamelijke belasting (bijvoorbeeld in de topsport).
Bron: stichting LOOP